Volgens de overleveringen wordt Hawaii bevolkt door 40.000 goden, die zichzelf manifesteren in ieder aspect van
de natuur. In creaties in zee, op het land, in de lucht, in planten en dieren, in de rotsen en op aarde zelf. Ze worden stuk voor stuk
beschouwd als de voorouders van de Hawaiianen en daarom zo gerespecteerd en vereerd.
In de chants (monotoon gezang) worden vaak legendes verteld over deze goden. De dansers beelden het verhaal uit tijdens de hula.
De meest bekende is Pele, godin van het vuur en de vulkanen, die in veel verhalen de hoofdrol speelt. De chant wordt begeleid met een 'ipu heke' (gedroogde kalebas).
Een 'chant' waarmee de dansers het publiek begroeten, zonder te dansen, noemt men 'oli'. Een 'chant' die is gecomposeerd om een
verhaal uit te beelden noemt men 'mele hula'. Tijdens de hula introduceren de dansers elk couplet door het uitroepen van
de eerste zin. Dit wordt een 'kahea' genoemd. |